Vandaag besteld morgen in huis - Laagste prijsgarantie - 99,999% zuiver zilver

Home » Vragen

Vragen / FAQ's

Meest gestelde vragen over Colloidaal Zilverwater

Wat is colloïdaal zilverwater?

Colloïdaal zilver is een vloeibare suspensie bestaande uit microscopische elektrisch geladen zilverdeeltjes in gedistilleerd water. Deze elektrisch geladen microscopisch kleine zilverdeeltjes kunnen in water gesuspendeerd (zweven) blijven zonder kunstmatige toevoegingen of stabilisatoren..

Is zilver schadelijk voor de gezondheid?

NEE Dat is het niet.

Wanneer er hele grote hoeveelheden zilver in korte tijd inwendig worden gebruikt kan er opslag van zilver in het lichaam ontstaan. Een deel daarvan slaat neer in de huid en er ontstaat dan argyria (zie ook argyria) een grijze verkleuring van de huid. Ook in de afgelopen 30 jaar zijn er argyria gevallen bekend welke altijd ontstonden na vele jaren intensief dagelijks inwendig gebruik van zilverpreparaten. Er zijn extreme gevallen bekend via internethomepages van een inname van 1,5 gram zilver in 14 dagen tot 124 gram zilver na 9 jaar.

Bij 1,5 gram in 14 dagen betekent dit een consumptie van 150 liter zilverwater van 10 ppm of 50 liter zilverwater van 30 ppm. Dit is meer dan 10 liter per dag van zilverwater 10 ppm of 3 liter per dag van 30 ppm. Bij 124 gram zilver in 9 jaar betekent het dat 12400 liter zilverwater van 10 ppm geconsumeerd moet worden. Dit betekent 9 jaar lang per dag 3 liter 10 ppm of 1 liter 30 ppm.

Zilver in de vorm van zilverpreparaten zijn in de periode vanaf 1900 tot 1940 in vele honderden miljoenen gevallen gebruikt in Europa en Amerika.

Publicaties gedurende meer dan honderd jaar over klinisch en experimenteel onderzoek hebben laten zien dat zilver een verbazingwekkend veilige stof is, hierin verschillend van zijn neefjes in de zware metalen zoals lood, kwik, cadmium en goud.

Bij normaal gebruik van colloïdaal zilver wordt dit geleidelijk weer door het lichaam uitgescheiden. Men krijgt dagelijks enkele microgrammen (1 microgram= een miljoenste gram) zilver binnen via de voeding. In de jaren 1900 tot 1940 werd voor therapeutische doeleinden ongelimiteerde injectiehoeveelheden gebruikt van 0,5 mg tot 1 mg zilver (dit is 500 tot 1000 microgram!). Incidentele injecties van 10 mg of hoger waren normaal. Hedendaags toxicologisch onderzoek bevestigt deze veiligheid.

In het algemeen zijn de zilverzouten en met name zilvernitraat wel meer toxisch dan zuiver zilver. Publicity: I. Romans (1954)" Silver compounds" & Oligoynamic Metals" in Antiseptics, Disinfectants, Fungicides and Chemical and Physical Sterilization, G. Reddish, ed Philadelphia: Lea & Febiger, 380-428 Romans schrijft: Sollman (1943) nam waar dat zilvernitraat in dosis van 10 tot 100 mg oraal (via de mond) ingenomen geen symptomen ontwikkelt. Grotere hoeveelheden zilvernitraat boven 2500mg veroorzaken acute maagslijmvliesontsteking.

Deze reacties zijn zuiver lokaal, een dosis van 10 gram zilvernitraat is meestal fataal en kan in enkele uren de dood tot gevolg hebben. In the Lancet in 1912 schrijft de dokter C.E Macleod op basis van het wijd verspreid klinisch gebruik van chemisch vervaardigd colloïdaal zilver (de zgn. silver 'collosols' met een sterkte van 500 ppm): "Ze mogen lokaal uitwendig, onderhuids en intraveneus, of via de mond worden gebruikt. En omdat het niet toxisch is kan de onderhuidse dosis ongelimiteerd zijn. Experimentele injecties van 1 tot 2 cc van 500 ppm zilver betekenden een dosis van 1/2 tot 1 mg zilver.

Wat is colloidaal zilverwater en ionisch zilver?

Ons colloidaal zilverwater bevat alleen nano kleine deeltjes puur zilver en gedestilleerd water zonder toevoegingen. 

Colloïdaal zilver is een echt en authentiek nano zilverwater en bevat water en puur zilver . Het is een puur en eerlijk product, zonder andere toevoegingen of stabilisatoren. 

Colloidaal zilverwater moet een gele kleur hebben. Indien het geen kleur heeft en gewoon op water lijkt, dan is het hoogstwaarschijnlijk geen colloidaal zilverwater, maar een ionisch zilver, of een ionisch zilver met een heel laag gehalte colloïdaal zilver. Dit komt omdat deze ionische oplossing geen licht weerkaatst. Zie het als zout opgelost in water. Echt colloidaal zilver zal vanaf ongeveer 4 ppm, een gele tint krijgen.

Colloïdaal zilver versus ionisch zilverwater

Wij verkopen alleen echt zilverwater. 

Ionisch zilverwater is simpel te bereiden met wat 9 Volt batterijen. Gekoppeld aan twee zilverstaafjes, gedompeld in wat gedestilleerd water. Het internet beschrijft ‘colloidaal zilverwater’ gemaakt volgens de 9-Volt batterijen methode (of een variant daarvan). Deze methode zal geen echt colloïdaal zilver geven en altijd voor het grootste gedeelte, simpelweg, een ionische oplossing zijn. 

Nano zilver of colloidaal zilver. 

Nano zilver of nano zilverwater, is een term welke wordt gebruikt om colloidaal zilver andere te geven. Nano betekend ultra klein deeltje en is van toepassing op de colloïdale water van ons, omdat we over atomen en atomen clusters praten. Ons colloidaal zilver is in feite nano zilver.

Bewaren

Om de lading van de nanodeeltjes zo lang mogelijk te behouden, dient het colloïdale zilver te worden opgeslagen in een bruine glazen fles bij lage temperatuur en beschermd tegen direct zonlicht. Houd het colloïdale zilver ver uit de buurt van bronnen van elektromagnetische emissie, zoals koelkasten, tv's en magnetrons. Wilt u het colloidaal zilver in een plastic verzendfles, schenk meteen over in donker glas bij aankomst. 

Dierstudies Met colloidaal Zilver? 

Er zijn vele dierstudies met zilverpreparaten geweest in de afgelopen eeuw. In 1927 Huebner vond dat de dodelijk dosis bij een intraveneuze injectie bij konijnen met colloïdaal zilver lag op 0,065 gram per kilo. Dit betekent bij een mens van 70 kg een injectiedosis van 4,550 gram puur zilver." Hill en Tilbury rapporteren in1939 over veel dierstudies met een verzadigde zilveroxideoplossing van 1,52 gram per liter Van deze oplossing werd per dag enkele malen 4 cc intraveneus geïnjecteerd bij verschillende diersoorten gedurende een perioden van 3 weken zonder dat er toxische verschijnselen optraden. Een overeenkomstige dosis bij een mens zou neerkomen op 1190 mg zilver per dag.

Het medische injectieprotocol met zilver tot in de jaren 1940 lag gemiddeld tussen 1 tot 10 mg zilver per dag en soms meer..

Argyria, ontstaat er een grijze verkleuring van de huid t.g.v. zilver?

Wanneer er hele grote hoeveelheden zilver in korte tijd inwendig worden gebruikt kan dit ontstaan. Ook in de afgelopen 30 jaar zijn er argyria gevallen bekend welke altijd ontstonden na vele jaren intensief dagelijks inwendig gebruik van zilverpreparaten.

Er zijn extreme gevallen bekend via internethomepages van een inname van 1,5 gram zilver in 14 dagen tot 124 gram zilver na 9 jaar.

Bij 1,5 gram in 14 dagen betekent dit een consumptie van 150 liter zilverwater van 10 ppm of 50 liter zilverwater van 30 ppm. Dit is meer dan 10 liter per dag van zilverwater 10 ppm of 3 liter per dag van 30 ppm. Bij 124 gram zilver in 9 jaar betekent dat 12400 liter zilverwater van 10 ppm geconsumeerd moeten worden. Dit betekent 9 jaar lang per dag 3 liter 10 ppm.

Als grote hoeveelheden zilver in het lichaam achterblijven slaat een deel daarvan neer precies onder de huidoppervlakte, wat vooral onder invloed van het zonlicht een permanent grijze kleur aan de huid kan geven. Dit wordt Argyria genoemd. De donkere kleur zou ontstaan door het donkere Ag2S ( zilversulfiet)., zilver-eiwitcomplexen of zilver in hele kleine korreltjes. Dit zet zich af in de huid, bij de zweetklieren en ook bij de "maantjes" aan de onderkant in de nagels en ook in inwendige organen. Van argyria is men niet ziek en het is ook geen allergie voor zilver.

Zilver bindt zich graag aan zwavelbruggen van eiwitten. Deze eigenschap maakt het ook mogelijk de uitscheiding van zilver te bevorderen met voedingssupplementen als NAC (een verbinding van het zwavelhoudende aminozuur N-Acetyl -L-Cystine) en ook MSM (organisch gebonden zwavel).

Het probleem met argyria is dat het niet meer verdwijnt wanneer het eenmaal is ontstaan en alleen een laserbehandeling van de huid schijnt wat resultaat te geven. Onderzoek wijst wel uit dat argyria ongevaarlijk is en de kans hierop bij gebruik van kleine hoeveelheden zilver met langere tussenpozen tussen het gebruik vrijwel niet bestaat. Een enkele keer ontstaat argyria ook wel eens na jaren in de omgeving van een plaats waar iets van zilver is geïmplanteerd. Een internetbericht van een Zwitserse vrouw van 70 jaar: bij haar werd bij een oogoperatie van 58 jaar geleden hechtdraad gebruikt waarin zilver was verwerkt wat na de operatie inwendig was blijven zitten. Dit veroorzaakte later een grijsbruine verkleuring van de huid rond het oog. Bij onderzoek werden hoge zilverwaarden in de huid gevonden. Het blijkt dat bij kronen in de mond ook een verkleuring van de keramische kroon ontstaat ten gevolge van zilverafzetting vanuit de zilverhoudende bevestigingsmaterialen.

Is er onderzoek gedaan naar argyria? Uitgebreid onderzoek over argyria is in de jaren voor de 2e wereldoorlog gedaan. Vooral bij het gebruik van zilverzouten. Ook na de tweede wereldoorlog zijn er publicaties geweest. B.Fowler & Nordberg (1986) Handbook on the Toxicology of Metals, L.Friberg, G. Nordberg & V. Fowler en Nordberg vertellen in hun handboek over de Toxycology of Metals (1986) in het hoofdstuk Silver: Argyria is een blauwgrijze verkleuring van de huid die hoewel niet esthetisch is, toch onschuldig is. Bij inhalatie zou een dosis van 1-8 gram nodig zijn om dit te kunnen veroorzaken. Opname via de spijsvertering vraagt wat meer ca. 1 tot 30 gram aan oplosbare zilverzouten De artsen Hill en Pillsbury hebben over een uitgebreid onderzoek met 601 referenties verslag gedaan (W. Hill & Pillsbury, Argyria – The Pharmacology of Silver, Baltimore: Williams & Wilkins, 1939) Hill en Pillsbury stellen dat er geen aantoonbare fysiologische veranderingen zijn te vinden in wanneer weefsels of organen grotere hoeveelheden zilver hebben opgeslagen. Afgezien van de zilveropslag wijst microscopisch onderzoek ook niet op veranderingen. Argyria is daarom alleen vanuit een cosmetisch oogpunt belangrijk. Hill en Pillsbury konden slechts 239 gerapporteerde gevallen van argyria vinden zowel in Europa als Amerika over een periode van 40 jaar. Slechts 16 gevallen werden genoteerd van minder dan 1 jaar lang dagelijks gebruik van zilverpreparaten. Ongeveer de helft van de gevallen had een dagelijks gebruik van zilverpreparaten gedurende minder dan 3 jaar. De andere helft gebruikte dagelijks zilver in een periode van 3 tot 25 jaar. De gepubliceerde (214 gevallen) informatie gaf ook gegevens over het zilverpreparaat. 55% van de argyria gevallen werden door zilvernitraat veroorzaakt. 13% werd veroorzaakt door Argyrol een licht zilver-eiwitpreparaat. 9% werd veroorzaakt door Silver arsphenamine 6% werd veroorzaakt door Collargol een chemisch vervaardigd colloïdaal zilver en verschillende andere producten. In hun samenvatting stellen Hill en Pillsbury dat met betrekking tot Argyria de totale injectiedosis van Silver arsphenamine tot 6 gram mag oplopen.(dit bevat 0,9 gram zilver). Bij zilvernitraat werd de grens gesteld bij 6 gram een orale inname van een oplossingen over een langere periode ingenomen. Dit komt neer op 3,8 gram zilver.

Hoe voorkom je argyria en een overmatige opslag van zilver?

Door colloïdaal zilver met verstand te gebruiken en niet als een soort preventief middel gedurende jaren achtereen inwendig gebruiken. Gebruik bij voorkeur een lage dosering met een lage concentratie zilver wanneer u het langere tijd gaat gebruiken. Zilver bindt zich graag aan zwavelbruggen van eiwitten. Deze eigenschap maakt het ook mogelijk de uitscheiding van zilver te bevorderen met voedingssupplementen als NAC( een verbinding van het zwavelhoudende aminozuur N-Acetyl -L-Cystine ) en ook MSM(organisch gebonden zwavel) Het voedingssupplement NAC ( een verbinding van het zwavelhoudende aminozuur N-Acetyl -L-Cystine L-cystine) zou een bescherming geven tegen de opslag van zilver en de uitscheiding bevorderen. Verschillende onderzoekers wijzen op het nut van NAC bij vergiftiging door zware metalen zoals kwik, goud, zilvernitraat. Fowler en Nordberg verwijzen naar proeven met ratten door Alexander en Aeseth (1981) bij injecties met zilvernitraat.

Publicaties:

B.Fowler & Nordberg (1986) Handbook on the Toxicology of Metals, L.Friberg, G. Nordberg & V. Vouk, eds Amsterdam: Elsevier Sci. Publ. Vol.2 J. Dawson et al (1984)” The Effectiveness of N-acetylcystiene “ Arch Toxicol 55,11-15 L.Bergstrom et al (1986)” Pharmaokinetics of N-acetylcystine in Man” Eur J Clin Pharmacol.31, 217-22 A.Lorber et al (1973) “ Clinical Application for Heavy metal-Complexing Potential of N-acetylcysteine” J Clin Pharmacol 13, 332-36

 

Nog vragen over colloidaal zilverwater mail ons